Een hoofdprijs voor het Nederlands Elftal, dat is denk ik het hoogste, het mooiste, wat ik als sportkijker ooit zou kunnen zien. Dat hoeft dan niet eens een WK te zijn, een EK is ook prima. Ja, die laatste hebben ze ooit al eens gepakt, maar ik ben van 1989 en het dat dus niet meegemaakt. Daarna zijn er wel wat kansen geweest op nog zo’n hoofdprijs, maar het heeft steeds niet zo mogen zijn. Inmiddels heb ik al twee generaties voetballers gezien die de kans hebben laten liggen. Gaat er nog wel weer een generatie komen die het kan?

Natuurlijk, olympische titels van Nederlanders zijn ook schitterend. Marianne Timmer in Turijn, Mark Tuitert in Vancouver, Maarten van der Weijden in Peking en Epke Zonderland in Londen, dat zijn legendarische overwinningen. Maar alleen al het feit dat er iedere twee jaar wel een dergelijke medaille te vieren is, maakt het minder groots. Bovendien is voetbal de grootste sport ter wereld, dus een overwinning daarin zou voor mij boven alles in de sport staan.

Zoals gezegd zijn er generaties voetballers geweest die de kans hebben gehad. In 1998 en 2000 hadden Van der Sar, Stam, De Boer, Davids, Overmars, Kluivert en Bergkamp het moeten doen. Tegen Brazilië in ’98 hadden we bijvoorbeeld een strafschop moeten krijgen toen Van Hooijdonk in het strafschopgebied onderuit werd getrokken. Wat als? Tja, gezien het einde van zowel WK ’98 als EK 2000 zou die strafschop waarschijnlijk gemist worden en zaten we alsnog met uitschakeling.

In 2008 en meer nog in 2010 hadden Sneijder, Van der Vaart, Robben en Van Persie de kans op die hoofdprijs. Robben had het doelpunt zelfs op de schoen, maar ja, die teen van Casillas zat in de weg. Die generatie is overigens nog niet helemaal afgeschreven, maar afgelopen woensdag stond van die grote vier enkel Van Persie in de basis tegen Italië. Louis van Gaal lijkt over te stappen op jonge talenten. Richting WK 2002 had hij al te maken met een selectie die hun kans had gehad en nu lijkt hij het dus anders aan te willen pakken.

En het zag er goed uit tegen Italië. Dat we Heitinga en Mathijsen prima kunnen missen, dat wisten we eigenlijk al wel. Maar dat Maher op het middenveld zo makkelijk de rol van Sneijder overnam, dat kwam toch wel een beetje als verrassing. En misschien nog wel belangrijker: niemand zakte echt door het ijs, al was Ola (no pun intended) John wel wat onzichtbaar. Het enige waar ik me zorgen om maak is Robin van Persie. Niet om zijn kwaliteiten, maar om iets heel anders: om het feit dat hij niet als eerste het veld op komt met de aanvoerdersband om, maar dat hij achter ene Kevin Strootman aan moet lopen. Maar dat is gelukkig (nog) geen rel geworden, dus zelfs dat lijkt goed te zitten.

Dat is natuurlijk allemaal de verdienste van Louis van Gaal. Zijn beleid, met profielschetsen en heldere principes, zorgt ervoor dat alle spelers boven zichzelf uitstijgen en zichzelf wegcijferen voor het team. Zo jong, en dan al gelijkspelen tegen een groot voetballand als Italië, dat moet over een paar jaar wel resulteren in iets unieks: wereldkampioen in 2018. Louis van Gaal, de beste van Nederland, de beste van Europa en dan ook de beste van de wereld.

Dit bericht is geplaatst op zondag, 10 februari, 2013 om 18:00 en is geplaatst in FOK!-columns. Blijf op de hoogte van nieuwe reacties via de RSS 2.0-feed. Je kunt een reactie achterlaten of trackbacken vanaf je eigen website.

Nog geen reacties